Wanneer ik aankom op de moestuin staan de 25 emmers met in elk een schepje en een schoffeltje al klaar. Vrijwilliger Jan heeft alles al weer keurig klaargezet. Waar zouden we op de tuin zijn zonder vrijwilligers? Op de moestuin zijn het vooral 65-plussers die iedere week de handen uit de mouwen steken. Met een energie waar ik soms jaloers op ben, maken ze liters jam, schoffelen ze tuintjes of leggen een complete vijver aan.
Vrjiwilliger Ad, de 70 al gepasseerd, heeft naast de moestuin nog minimaal drie andere ‘vrijwilligersbanen’. Hij is conciërge geweest op een middelbare school, weet van aanpakken en is recht voor z’n raap. Ook tegen de kinderen. Ad vindt het (terecht) heel belangrijk dat de kinderen, wanneer ze klaar zijn met werken, hun gereedschap weer netjes bij hem inleveren. En hoewel ik weet dat er in de meeste klaslokalen regels hangen als ‘ik zorg voor mijn spullen en die van een ander’, schort het daar bij veel kinderen nogal eens aan. Niet zo gek, in een tijd waarin alles voor een paar euro vervangbaar is bij Temu.
Ad staat bij het hek van de moestuin en bekijkt met argusogen de ingeleverde emmers. Twee jongens komen aanlopen en kwakken de emmers voor hem op de grond. “Terugkomen!” klinkt het bars. De jongens draaien vertwijfeld om. “Ik mis één schoffeltje, ga maar terug om het te zoeken”. De jongens murmelen nog wat, maar draaien om en lopen braaf terug. Even later komt er een wat bedeesd meisje aanlopen met haar emmer. “Hé! Wat is dat?” klinkt het weer nors. “Er zitten bij jouw twee schepjes in, hoe kan dat?” Het meisje kijk Ad geschrokken aan en stamelt met tranen in haar ogen “Ik weet het niet”. “Nou, ga maar zitten” zegt Ad, voor zijn doen behoorlijk mild. Half snikkend neemt het meisje plek op het bankje. Ad heeft dit blijkbaar ook gezien, want na afloop van de les vraagt hij aan mij: “Juf, ben ik te streng?” “Nee Ad”, zeg ik beslist, want hoewel ik het meisje nog wel een aai over haar bol heb gegeven, besef ik me dat kinderen dit soort geluiden tegenwoordig veel te weinig horen. De tere kinderzieltjes zijn daar niet meer aan gewend. Zij horen eerder zinnen als: ‘Ach schat, je hebt ook al zo hard gewerkt in de moestuin, ik zie dat je een er een beetje pips van ziet. Ik haal dat schepje wel even voor je’.
Dus prima Ad, dat jij een beetje tegenwicht geeft aan deze pampercultuur in de vorm van een geweldige, soms wat norse vrijwilliger in de moestuin. Kunnen ze heel goed gebruiken, onze kindjes. Worden ze een beetje hard van.
Door Amanda Jongepier

Geef een reactie