Ik hoop dat ik over een paar jaar het woord boerologisch kan typen zonder dat het rood wordt onderstreept. Dat het een gewoon woord is geworden.
Want als dat zo is, dan zijn we met z’n allen waarschijnlijk wat gezonder gaan eten en wat beter gaan nadenken over wat er op ons bord ligt.
De laatste jaren is er veel veranderd in wat en hoe we eten.
Er is zoveel keus, zoveel informatie, zoveel meningen. De schappen staan vol met producten die beloven dat ze “goed” voor je zijn. Maar wat is nou echt gezond? En wie weet nog wat een gewone, eerlijke maaltijd is?
Soms lijkt eten iets ingewikkelds te zijn geworden.
Er zijn trends, diëten, superfoods en apps die bijhouden wat je eet. Tegelijkertijd eten we vaker onderweg, bestellen we meer en koken we minder. En ergens tussendoor proberen we verstandige keuzes te maken. Maar dat valt niet altijd mee.
Daarom denk ik steeds vaker: misschien moeten we het weer wat eenvoudiger maken.
Boerologisch noem ik dat, eten met je boerenverstand.
Niet te moeilijk, niet te duur, maar gewoon logisch. Eten zoals onze (groot)ouders dat deden: drie keer per dag, met verse producten, en zonder pakjes of zakjes.
Bij boerologisch eten sluiten we aan bij de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum.
Dat betekent: veel groente en fruit, volkoren producten, peulvruchten, noten, zuivel, vis of ei, en vooral niet te veel suiker en zout. Geen ingewikkelde regels, maar duidelijke richtlijnen die helpen om gezond te eten op een manier die bij je past en die goed is vol te houden.
Boerologisch eten gaat niet over goed of fout.
Het gaat over weten wat je eet, genieten van wat er is en een beetje zorg voor jezelf, elkaar en de wereld om je heen.
Over gewone dingen: samen eten, groenten van het seizoen, brood in de broodtrommel, en af en toe iets lekkers omdat het kan.
We hoeven het niet perfect te doen.
Maar als we allemaal een beetje meer nadenken over waar ons eten vandaan komt, en wat ons goed doet, dan zetten we al een stap.
Boerologisch: gewoon eten met je ‘boerenverstand’.

Geef een reactie